Internetgebruik jongeren in cijfers en trends‏

Ontwikkeling internetgebruik (minimaal 1x per week):

Trend_internetgebruik

"Uit een update van het Jongerenonderzoek uit mei 1995 blijkt dat er nauwelijks jongeren zijn die internet gebruiken. Van de 15-24-jarigen heeft 48% er nog nooit van gehoord."

Recentelijk verschenen twee rapporten over het internetgebruik van tieners in de VS. Van verschillende kanten werd vervolgens gevraagd in hoeverre de resultaten toepasbaar zijn op de Nederlandse situatie en wat híer de trends zijn.

BronnenHoewel methodiek, vragenlijst, etc. niet overeenkomen, is het tweejaarlijkse, grootschalige Jongeren-onderzoek van Qrius de meest geschikte bron voor een antwoord.

Trend: een opwaartse lijn
Laten we eerst eens kijken hoe het internetgebruik zich in Nederland ontwikkeld heeft. Het moge duidelijk
zijn dat het snel is gegaan; 15 jaar geleden had de helft van de jongeren nog nooit van internet gehoord, laat staan dat ze het gebruikten. Slechts 10% zag toen het nut van een aansluiting in.

Twee jaar later, in 1997, spraken de onderzoekers de verwachting uit dat internet op korte termijn geen massamedium zou worden. De bekendheid was nog laag, de distributie lastig en jongeren snapten niet wat ze er precies aan hebben. Ongeveer de helft van de tieners dacht internet in de toekomst níet te gaan gebruiken.

In 1999 bleek het aantal kinderen en jongeren dat over een pc beschikte sterk gestegen. Ze gebruikten ‘hun’ computer ook vrij intensief. Over internet waren ze nog steeds niet erg enthousiast, hoewel ze ontdekt hebben dat het handig voor school en muziek is.

In 2001 is de penetratie van internet enorm toegenomen, met dank aan de scholen; werkstukken mochten vaak niet meer met de hand geschreven worden.

Verrassend genoeg bleek het aantal huishoudens met internet in 2003 gedaald te zijn; providers waren gestopt met gratis internet aanbieden en er speelden veel technische problemen. De onderzoekers verwachtten dat het de volgende jaren zo zou blijven dat 25 tot 30% van de jeugd thuis niet over een internetaansluiting beschikt.

Die voorspelling kwam niet uit; in 2005 hadden nagenoeg alle kinderen en jongeren (97%) thuis internet, in de meeste gevallen zelfs met een snelle verbinding. Providers verbeterden hun aanbod en met name het sterk gegroeide MSN gaf internet een socialer gezicht.

In 2007 was internet voor tieners uitgegroeid tot het favoriete medium, toch maakten kinderen en jongeren er minder intensief gebruik van. Ouders gingen meer reguleren en de euforie over het chatten was weggeëbd. Gezien de huidige populariteit van de sociale netwerken, is het aardig om te constateren dat drie jaar geleden 44% van de 15-19-jarigen (en 22% van de 12-14-jarigen) een persoonlijke profielpagina had. Pagina’s waarvoor ze de inspanning niet konden opbrengen om deze bij te houden.

De meest recente editie van het jongerenonderzoek, uit 2009, laat een positiever beeld zien, onder meer door Hyves en YouTube. Zoals beschreven in MarketingTribune #19/2009 is internet niet voor alle kinderen en jongeren het ultieme medium en gebruiken ze maar een klein deel van de mogelijkheden. Toch gaan ze vrijwel allemaal minimaal 1x per week online.

Amerika versus Nederland
In de VS publiceerde Pew Internet het onderzoek Social Media & Mobile Internet Use Among Teens and Young Adults. De meest opvallende conclusie was dat het aantal tieners (12-17 jaar) dat een weblog bijhoudt gehalveerd is van 28% in 2006 naar 14% nu, een daling die veroorzaakt lijkt te worden door het succes van sociale netwerken. Laten we de Amerikaanse cijfers eens naast die uit Nederland zetten.

Nl_vs_vs

Van de Amerikaanse 12-17-jarigen heeft 8% geen computer thuis, van hun Nederlandse leeftijdsgenoten is dat 0,3%. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het percentage internetters hier groter is. Toch is het aandeel jongeren dat een profiel heeft op een sociale netwerksite zoals Facebook of Hyves bijna gelijk (73% versus 75%). In het bijhouden van een eigen weblog heeft de Nederlandse jeugd een stuk minder interesse (5%).

Ook vermeldenswaardig: draagbaar en draadloos zijn in opkomst, maar de gewone computer (62%) wint vooralsnog van de laptop (37%).

Relatief meer Nederlandse tieners hebben een mobiele telefoon (90% versus 75%), maar zij gebruiken deze minder vaak om te internetten (5% versus 27%). Ook in het omarmen van andere innovaties loopt ‘onze’ jeugd achter. Zo weten veel Nederlandse jongeren niet wat Twitter is en heeft slechts 3% van de 12-17-jarigen het wel eens gebruikt, tegenover 8% in de States. Daarnaast doen veel minder Nederlandse tieners online aankopen. In de VS kocht in 2000 al 31% boeken, muziek en kleding online. Nu is dat 48%, hier maar één op de vijf.

Behalve het Pew-rapport verscheen ook Generation M2: Media in the Lives of 8- to 18-Year-Olds van de Kaiser Family Foundation. Hieruit bleek dat Amerikaanse 8-18-jarigen ruim 53 uur per week kwijt zijn aan mediagebruik. Dat is zo’n vijf kwartier meer dan vijf jaar geleden, een stijging die verklaard wordt door de toename van het aantal mobiele telefoons en mp3-spelers.

Een precieze vergelijking is niet mogelijk, maar we kunnen gerust concluderen dat de Nederlandse jeugd veel korter aan media wordt blootgesteld. Met name het verschil in tv-kijktijd is groot: dagelijks 78 minuten in Nederland, 262 minuten in de VS. Opvallend genoeg verschillen de meeste internetactiviteiten niet enorm van elkaar.

Internetactiviteiten

Samenvattend
Internet is heel snel heel groot geworden, maar nog volop in ontwikkeling. De Amerikaanse markt lijkt geen goede voorspeller voor wat ons te wachten staat, aangezien de situatie aldaar behoorlijk anders is. We gaan het volgen!

——————————————————————-

Dit artikel is in verkorte vorm ook verschenen in MarketingTribune #4/2010.

Bronnen:

Lees ook:

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*


De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>