:: Een bijdrage van Astrid Poot (IJsfontein) ::
Sinds de opkomst van breedband internet wordt er op scholen steeds meer gebruik gemaakt van interactieve content in het lessen. Interactief aanbod wordt door jongeren vaak hoog gewaardeerd, maar niet zonder meer. Veel docenten beperken zich tot het tonen van filmpjes en het spelen van eenvoudige games die niet meer zijn dan statische content in een interactieve omgeving.
Sinds begin februari is Reality is Broken verkrijgbaar, het nieuwe boek van Jane McGonigal. 'Games inspire hard work, the setting of ambitious goals, learning from and even enjoying failure, and coming together with others for a common goal.'
Gaming is verrijkend en leerzaam. Terwijl de gamification van de maatschappij een grote vlucht neemt blijft het onderwijs nog achter.
In dit artikel vertellen we over hoe leren werkt, waarom leren leuk is en hoe er en verband is tussen gamen en leren. Hoe kunnen we het leerplezier en de schoolprestaties van jongeren verbeteren als we gebruik maken van gaming-principes?
Gaming: vanuit techniek of vanuit inhoud?
Lang leefde de gedachte dat als je iets in een game stopt, het vanzelf leuk en relevant wordt. Want een game is immers leuk!
Vaak leidt dit tot interactieve klikplaten waarin je bijvoorbeeld door op een gebouw te klikken meer informatie krijgt over een bedrijf of dienst. Maar van werkelijke interactie is geen sprake.
Die manier van denken is te simpel. Een game als vorm zonder de andere kenmerken van een goede game (onder andere het belonen van progressie, een persoonlijk ontwikkelpad, leren in kleine stappen, de mogelijkheid jezelf te verbeteren) heeft geen waarde. Een goed toegankelijk boek of website is dan voor leerlingen veel beter bruikbaar en relevant.
Leren is leuk
Leren is heel belangrijk. Daarvoor zitten we allemaal jaren lang op school. Omdat iedereen zeker weet dat leren de basis legt voor van alles in de rest van je leven.
En het allerbeste aan leren is dat het leuk is. Leren is natuurlijk gedrag. Als we iets leren en begrijpen ervaren we mastery. We hebben een volgende stap in onze ontwikkeling bereikt en worden daarvoor beloond in het beloningscentrum in onze hersenen. En dat is lekker! En omdat dat lekker is zoeken we actief naar dingen om te leren, naar dat gevoel van mastery. Leren = leuk.
En juist van de natuurlijke behoefte aan leren kan in het onderwijs veel meer gebruik worden gemaakt.
Games zijn leuk
In goede games ben je zelf de baas over je proces. Door kleine oplossingen die je probeert en kleine fouten die je maakt word je steeds beter. In een game heb je korte feedback loops.
Voortdurend ben je als speler dichtbij een volgende stap in je ontwikkeling. Door uit te proberen en fouten te maken (en te herstellen/nog een poging te wagen) behaal je overwinning na overwinning. Je groeit in je eigen tempo en op je eigen manier in het spel. Je ervaart mastery en flow.
Dit is een natuurlijk leerproces: steeds als het bijna te moeilijk wordt behaal je (met of zonder hint of hulp) net een volgend doel. En zodra je op dat niveau bedreven bent en je begint te vervelen komt er een volgende uitdaging: wordt het weer moeilijker.
Zo blijft de speler betrokken en is de ervaring persoonlijk, waardevol en leuk.
Hoe kun je leren?
Er zijn verschillende manieren om te leren.
- Leren van (luisteren, kijken, lezen)
- Leren met (in dialoog)
- Leren in (zelf doen, in het echt)
'Leren in' is de meest effectieve vorm. Een leerervaring die zich afspeelt in de echte omgeving waarin de geleerde kennis meteen kan worden toegepast.
'Leren in' is heel goed te realiseren in games. Een game is een vereenvoudigde versie van de werkelijkheid waarin je dingen kunt uitproberen en fouten mag maken. Leerlingen kunnen de kennis die ze hebben opgedaan meteen uittesten en echt begrijpen door ermee te experimenteren. De relevantie is aangetoond, het leren is effectief.
Leren en toepassen
Traditioneel onderwijs ontbreekt in de perceptie van de leering vaak aan relevantie: alles wat ze leren is 'just in case', gaat over de toekomst, relevantie is maar zeer de vraag. Ze weten niet wat ze leren. Er is geen need to know.
Games zijn aantrekkelijk omdat wat je leert meteen relevant is, alles dat ze leren is ‘right on time’, en dat past bij jongeren. Ze weten precies wat ze leren en waarom.
Traditioneel onderwijs
Traditioneel onderwijs kent een vast stramien.
Je gaat eerst heel veel leren en oefenen (zonder veel feedback op je resultaat), doet een toets, en als die niet goed is moet je meer oefenen; begin je opnieuw.
De feedbackloop is heel lang. Het duurt lang voor de leerling feedback krijgt op het resultaat van zijn inspanning. Tussentijds kan er niets worden bijgesteld aan het niveau. De stappen zijn relatief groot en weinig flexibel.
Voor dit werk krijg je een cijfer. Een cijfer dat gaat over jouw resultaat in relatie tot de rest van de klas, en tot het maximaal haalbare aantal punten. Het cijfer zegt maar weinig over je eigen progressie, het gaat vooral over jezelf in relatie tot de buitenwereld.
In dit systeem wordt het maken van fouten bestraft. Leerlingen worden niet uitgedaagd dingen te proberen. Want daarmee neem je een risico: het risico dat het mislukt en dat wordt dan weer bestraft.
De doelen zijn vaak abstract: een cijfer, een rapport aan het einde van het schooljaar. De doelen voelen voor de leerlingen niet inhoudelijk.
Learning by dying
Het leerproces in een game is helemaal anders.
Je probeert iets uit, het mislukt, je leert waarom en probeert het nog een keer. Het lukt. En zo verder. De feedbackloop is kort. Steeds weer wordt het niveau aangepast aan het niveau van de speler. De speler ervaart progressie en heeft een eigen ontwikkelpad.
De speler wordt steeds beter, het gaat over persoonlijke groei. Fouten maken en de oplossing vinden wordt gestimuleerd. Hierdoor doet de speler ervaring op en verdien je experience points.
De doelen zijn altijd concreet en bereikbaar. En dat zorgt ervoor dat spelers gemotiveerd zijn kennis op te doen of beter te overdenken. Ze hebben dat nodig om die volgende (kleine) stap te maken.
Moeten ze vanaf nu altijd alleen maar gamen?
Nee, ik suggereer niet dat jongeren nu voortaan de dag (en de nacht) liggend achter een computer moeten doorbrengen in een MMOG. En dat ze dan na 5 jaar klaar zijn en alles weten.
Maat het onderwijs zou wel beter kunnen aansluiten bij een natuurlijke manier van leren, die juist ook goed bij jongeren past. Door meer te denken vanuit gameprincipes:
- Kleine (concrete) doelen
- Een persoonlijk proces dat de leerling begrijpt en waar hij de baas over is
- Eigen progressie laten zien
- Wat er geleerd wordt meteen relevant maken
- En vooral: duidelijk maken dat fouten maken goed is
Het onderwijs wordt daardoor leuker en effectiever.
Meer inspiratie: de toekomst staat voor de deur
Waar in de commerciele communicatie al veel gebruik wordt gemaakt van games en gameprincipes dringt het in het onderwijs iets langzamer door.
Gelukkig zijn er een aantal mensen en initiatieven die ons inspireren er vaart achter te zetten. Let’s play!
Katie Salen
Director of Institute of Play, which promotes game design as a non-traditional educational tool. In 2009, she helped launch Quest 2 Learn (Q2L), a new public school in Manhattan, New York City, for which she is the Executive Director of Design. (Wikipedia)
Over Q2L:
Over leren met games:
Jesse Schell
Beyond Facebook, beyond consoles and even computer screens, games are becoming the medium for everyday life, says game designer Jesse Schell. (Ted.com)
TEDxUniPittsburgh, 'The future is beautyful.' Using games to improve education:
Jane McGonigal
Over Reality is broken: '…reading it leads you to believe that game-like mechanics might succeed in making us better together, in fields as diverse as conservation, education, play and health.’ (Boingboing.net)
Dit artikel is geschreven door Astrid Poot (insights manager, art director IJsfontein), naar aanleiding van haar lezing op het seminar 'Mediawijsheid in de praktijk' georganiseerd door Digital Playground (3 februari 2011).